Als het zo koud is, zitten we graag zo dicht mogelijk op de verwarming...
Ik las in de weekendbijlage van de krant (gratis, van de bieb ;) ) het levensverhaal van een vrouw die drugsverslaafd en prostituee was geweest. Ze vertelde hoe men haar geholpen had weer een normaal leven te gaan leiden; normaal in de zin dat ze geen illegale dingen meer hoefde doen of zichzelf hoefde te verkopen om aan geld voor drugs te komen. Ze krijgt behalve hulp en begeleiding namelijk twee keer daags een kleine hoeveelheid medicinale drugs.

Nu heb ik dat nooit gesnapt. Waarom zou je drugsverslaafden gratis drugs gaan verstrekken?  Door dit verhaal begrijp ik ineens dat het wel degelijk zijn voordelen heeft: het staat onder controle, en de vrouw kan nu een geregeld leven leiden in plaats van af te glijden in de goot. En, zei ze, het heeft nog een voordeel: 'Omdat ik niet 'helemaal' gestopt ben, kan ik niet falen. De druk is zo van de ketel af.'

Dit leidde ertoe dat ze tevreden kon zijn met die hoeveelheid die ze krijgt, in plaats van steeds meer nodig te hebben, of na een periode 'clean' te zijn weer helemaal door te slaan.

Ik ben geen voorstander van drugs, en ik gebruik dit verhaal alleen vanwege die opmerking. Onlangs schreef ik over stoppen met suiker, (suiker is uiteindelijk ook een zeer verslavend middel) en toen reageerde Thijs met: structurele matiging heeft de voorkeur boven helemaal stoppen.
Helemaal geen suiker eten lijkt me niet houdbaar: je bent er de hele dag mee bezig, met jezelf op de vingers tikken en het maakt ongelukkig. [...] Goed, uiteindelijk stop je dan maar met het 0% suiker dieet, gek van die marsepein in de winkel die in je hoofd steeds groter wordt en moe van het constant kijken waar suiker in zit en waar niet. En is er weinig veranderd. Ik zou zelf de voorkeur geven aan een structurele matiging, daar bereik je overall meer mee 

Nou, om maar eens met Het Testament van Boudewijn de Groot te spreken: Thijs kan tevreden zijn en hoeft niets meer te krijgen, dat wil zeggen: hij heeft toch gelijk gehad... ;-)

Nu ik het verhaal van die vrouw gelezen heb begrijp ik waarom het zo werkt. Als je 'stopt' maar daarin niet volmaakt slaagt, faal je steeds weer. Als je matigt, is je slagingskans veel groter, want een keer (meer) suiker eten is dan geen falen, waardoor het schuldgevoel uitblijft en ook de daaropvolgende "wat kan het me ook schelen"- graai in de bonbondoos. (Wat deed die trouwens in je huis, als je gestopt was met suiker?)

Maar ergens wil ik dan toch nog wel een 'grens' vastleggen. (Wat is dat toch, de hele tijd die grensjes maken en die regeltjes stellen, en die overzichtjes...) Want wat is dan matig, en wat niet meer? Want dat de slagingskans veel groter is als je matigt in plaats van stopt mag dan waar zijn, maar krijg je ook werkelijk minder suiker binnen? Als stoppen betekent dat je echt en voor altijd totaal kunt stoppen, dan lijkt mij dat toch gezonder, en de voorkeur te hebben boven 'matig'.

Mijn idee van wat matig is kan namelijk best heel verknipt zijn. In onze familie denken we soms 'niet zoveel' te eten, terwijl dat voor een ander een grote hoeveelheid lijkt. En misschien ook wel is. En dat zal met suiker niet anders gaan. Is een koekje per dag matig? Of eentje per week, zoals men dat vroeger deed - alleen op zondag een koekje bij de koffie?

En omdat daarover dan onduidelijkheid bestaat in mijn hoofd, betekent 'matig' al snel weer dat ik alles eet wat er aan mijn neus voorbij komt, omdat ik het de 'volgende keer' wel beter zal doen - dan ben ik nog steeds matig bezig, toch? Vijftig procent minder is toch een hele vooruitgang... Kortom, omdat ik me dan ook maar matig (in plaats van fanatiek) in het 'stoppen met suiker' gestort heb, schiet ik al snel weer in de oude gewoonten. Resultaat dus per saldo hetzelfde als na 'stoppen met suiker'.

Dus voorlopig moet mijn motto wellicht zijn: 'Stop met suiker, maar met mate.' Misschien helpt dat...;-)
Gisteren hebben we een vruchteloze poging gedaan om een nieuwe jas voor echtgenoot te vinden. Eerst had ik twee prachtige jassen bij Wehkamp besteld. Helaas: de mouwen bleken te kort. Dan maar naar de Grote Stad. Met een C&A en een V&D moet je een heel eind komen, dacht ik.

Er waren inderdaad veel jassen. Maar onder al die vele jassen was er niet eentje waarvan de mouwen lang genoeg waren.  Dat begrijp ik nou niet. Oké, echtgenoot is lang. Toen wij achttien jaar geleden trouwden, was hij de langste persoon die ik kende. Maar de jongeren van tegenwoordig zijn veel langer. Ik kom nu bijna dagelijks mensen tegen die langer zijn dan hij.

Dan zou je toch verwachten dat de kleding inmiddels ook wat aangepast is aan de steeds-langer-wordende man? Of schrijft de mode dit jaar net-te-korte mouwen voor?

Uiteindelijk besloten we naar Setpoint te gaan, wegens eerdere goede ervaringen met een pak. En natuurlijk had men daar een passende jas. Althans, passend qua mouwlengte, maar niet qua budget. Tweehonderdnegenentwintig euro moest het ding kosten. Echtgenoot maakte zich haastig uit de voeten, iets mompelend over 'nog even over nadenken', maar eenmaal buiten bleek hij überhaupt niet van plan te zijn dat te doen, want geen haar op z'n hoofd....enz. enz. Hij zou liever naar de kringloopwinkel gaan om de jas op te halen die hij daar had gezien.

Oeps.

De jas.

De jas waar ik hem enkele dagen geleden nog succesvol uitgepraat heb.

Zoals jullie weten heb ik niets tegen kringloopkleding. Integendeel zelfs.
En toegegeven, de prijs van die jas staat in een wel heel schril contrast met die van de stijlvolle Lewis&Nogchiquerenaam die we bij Setpoint zagen.

Alleen jammer genoeg is de jas zelf ook een nogal schrille tegenstelling: Alarmerend rood; Model:  'Man van een jaar of zestig'. Type: 'Kijk-ik-draag-dezelfde-jas-als-mijn-vrouw'. Veel te wijd natuurlijk (want omdat de jas zo groot is, passen de mouwen lekker.)

Ja, voor negen euro is het vast wel een leuk koopje. En we moeten hier een mouw aan passen, dus wellicht met iets minder genoegen nemen. Maar deze jas...dan durf ik mij niet meer op straat te vertonen met echtgenoot. Want hoewel andermans kleding me weinig kan schelen, verdenk ik mijn medemens er toch altijd van ons wél te beoordelen aan de hand van ons uiterlijk. (Hebben jullie dat nou ook?)

Dus lezers, red mij. Weet iemand een zaak die jassen voor langere mensen verkoopt, of een merk dat jassen met lange(re) mouwen levert tegen een betaalbare prijs? Maximaal honderdvijftig euro, dacht ik, hoewel negen euro eerlijk gezegd wel iets beter in mijn budget past.
Echtgenoots maat is een lengtemaat, 53 (ook wel 106 genoemd) maar die ben ik in de jassen nog niet tegengekomen.

Help mij een jas te vinden die een brandweer-rode & veel te ouwelijke kringloopjas kan verslaan. Together we can beat it!
Okeee, het is op de valreep, maar het is nog steeds vrijdag. Vandaag heb ik met behulp van een random number generator (het bestaat echt! Kijk hier maar eens) een winnaar laten kiezen voor het boek "Ik en mijn plant." Door de deelnemende posts te nummeren (1 per persoon, dus de dubbele telden niet mee), en het aantal posts in te voeren kwam daaruit een cijfer.

En de nummergenerator gaf aan dat Gabi gewonnen heeft. Gabi, gefeliciteerd! Als je je gegevens naar mij mailt (brainiacs at gmail punt com) dan stuur ik het boek naar je op. Heb ik binnen een week geen reactie, dan gaat de prijs naar iemand anders. Voor alle anderen: Volgende week reeds weer een weggevertje. Dus blijf kijken.
Zou het de naderende winter zijn? Zoeken we weer warmte in plaats van ruimte? Op verschillende blogs komt ineens een 'tegenbeweging' als reactie op het minimalisme. Een peinzen en overdenken van het hoe en waarom.

Nu zijn tegenbewegingen te verwachten. Op elke actie volgt reactie. Na een mode van overdaad volgt een hang naar leegte en minimalisme. Gevolgd door...? Juist. Een nieuwe behoefte aan overdaad. Zoals de seizoenen elkaar opvolgen, steeds anders maar ook hetzelfde.

Nomadenbloed
In feite had ik van mijzelf éérder dan van anderen een afzwakkend minimalisme verwacht. Door de jaren heen heb ik in het voorjaar dingen weggedaan, om in de winter het huis weer vol te bouwen. In de Genoeg van november 2010 las ik in een ingezonden brief de beschrijving 'mensen met nomadenbloed'. Ze trekken niet rond, maar veranderen hun omgeving graag en vaak, en worden gek van altijd dezelfde spullen op dezelfde plaats. Hierin herken ik mijzelf zeer. Tot nu toe ben ik dit jaar echter blijven opruimen en weggooien.

Totdat ik op het blog van Mieb (klik hier--->Bewuste eenvoud) een post las die het lezen meer dan waard is. En die tot nadenken stemt. Mieb refereert aan een artikel waarin wordt gesteld dat het verlangen naar weggooien en opruimen evenzeer gebaseerd is op angst en controle als dwangmatig consumeren. Dat het twee zijden van dezelfde medaille zijn.

Mijn eerste reactie was een soort schok. Met de snelheid van het licht raasden mijn gedachten langs talloze synapsen en mitochondria en bekeken het idee van alle kanten. De tweede reactie drong zich echter al snel op: ontkenning. Nee, ik ruim niet op uit angst of controle. Ik wil gewoon minder spullen omdat al die ruimte zo lekker leeft.

Maar verder nadenkend kom ik tot de conclusie dat het inderdaad twee kanten van de medaille zijn, maar op een andere manier dan beschreven. Voor mij is het minimalisme een uitdaging om te ontdekken tot hoever ik kan gaan. Kan ik leven met maar vier kopjes en vier bordjes? (Yes, I can! Maar omdat ik de overige bordjes en kopjes niet wilde weggooien staan ze nu toch weer in de kast). Vakantie is voor mij ook zo'n uitdaging: Kan ik mij redden met weinig spullen, ver van huis? Om dan te ontdekken dat ik ver van huis gewoon dezelfde persoon ben als thuis.

Dat voelt bevrijdend. Dat huis en die spullen heb ik dus niet echt nodig, ze vormen mij niet. Nadat ik jaren gestreefd heb dit alles te bereiken, probeer ik nu (als reactie?) uit te vinden of ik nog steeds zonder deze verworvenheden kan. Of ik niet te zeer gehecht ben aan zaken.

Telkens als ik iets koop gaat dat over soortgelijke vragen: Kan ik afscheid nemen van mijn oude (vul maar in) als ik dit koop? Kan ik wennen aan dit nieuwe item?
Iets kopen is dus net zo'n uitdaging, zo'n test op mijn 'overlevingstechnieken', als iets weggooien. In die zin hebben beide acties dus wel degelijk overeenkomsten. Het zijn de handelingen van mensen met nomadenbloed. Zowel met kopen als met weggooien (en met het veranderen van mijn leefomgeving) test ik mijn vermogen om afscheid te nemen, los te laten en 'verder te trekken'.


Filosoferen
Het is moeilijk te beschrijven met welke snelheid de gedachten elkaar verder opvolgden in mijn hoofd. Ik doe toch een poging. Volgende stap in het verhaal waren deze ideeën:

Omdat ik vroeger alleen maar tweedehands kleding droeg heb ik een tijd grote behoefte gehad om alleen nieuwe kleding te kopen. Om er daarna achter te komen dat het er niet toe doet of je kleren nieuw zijn of oud. Omdat we tijdenlang weinig geld hadden, had ik de behoefte om een buffer op te bouwen. Om er daarna achter te komen dat het er niet toe doet of je wel of niet veel geld op je bankrekening hebt staan. Omdat ik graag alles precies weet vond ik het lang belangrijk om gelijk te hebben, om uit te blinken. Om er uiteindelijk achter te komen dat het er helemaal niet toe doet of je gelijk hebt of beter bent dan een ander.

Al die informatie had ik natuurlijk overal kunnen lezen. Verlichte geesten uit allerlei culturen hebben hierover geschreven. Maar pas na beide kanten van dit soort dingen ervaren te hebben ontdekte ik dat het er niet toe doet of je nieuwe of oude kleren draagt, wel of geen geld hebt, wel of niet de beste bent, of al dan niet gelijk hebt. Pas op dat moment begreep ik die wijsheden.

Het doet er niet toe
Dan is de logische en pijnlijke conclusie van dit verhaal - hoewel ik daar natuurlijk helemaal niet aan wil geloven, nu nog niet - dat uiteindelijk ook minimalisme er niet toe doet. Niet voor een mens zelf, in elk geval. Voor het milieu is het natuurlijk stukken beter dan dwangmatig consumeren.

Minimalisme zal niet veranderen wie of wat ik ben. Ik blijf dezelfde persoon - weliswaar met minder spullen, maar niet anders. Dat is enerzijds bevrijdend (je hoeft je niet vast te klampen aan je bezit) maar anderzijds remmend: het heeft geen zin je bezit af te zweren om een 'ander mens' te worden. Dat word je namelijk niet door minder spullen. In een leeg huis ga je heus niet automatisch meer lichaamsbeweging nemen en mediteren, of vredelievender zijn tegenover je irritante medewereldburgers. Je verandert niet in een nederig, verlicht mens. (Jammer, jammer)

De schrijver van Far Beyond the Stars (<---klik) komt  toevallig ook vandaag een tikje depressief? tot de slotsom dat leven als een locatie-onafhankelijk minimalist hem in staat stelt volkomen vrij te zijn, en overal te kunnen leven en geld te verdienen. De keerzijde is dat zijn huis zo weinig een thuis is, dat hij de drang voelt om het te ontvluchten...en overal te willen zijn behalve 'hier', aldus zijn leven veranderend in een vicieuze cirkel.
We can live anywhere. We can work from anywhere. We can spend every single day doing whatever the hell we want. But when it comes down to it, is that worth coming back to an empty home?
Au.

Middenweg
Minimalisme is niet verkeerd. Als je echt houdt van ruimte en overzicht is het een prettige manier van leven. Maar zowel het koortsachtig zoeken naar vervulling in spullen als het dwangmatig zoeken naar vervulling in leegte ('ik leef met minder dan 100 spullen!'), is precies wat het zegt...koortsachtig, dwangmatig. Maar geen vervulling. Die zit hem in iets anders. In zo'n oude wijsheid die je pas snapt als je die andere opties allemaal zonder resultaat geprobeerd hebt:
Want ik heb geleerd met de omstandigheden, waarin ik verkeer, genoegen te nemen. Ik weet wat armoede is en ik weet wat overvloed is. In elk opzicht en in alle dingen ben ik ingewijd, zowel in verzadigd worden als in honger lijden, zowel in overvloed als in gebrek.
Yep, dat was een quote van een van de eerste bloggers, Paulus. ;-)  Maar hij had natuurlijk wel gelijk. Hij had geleerd (door ervaring, net als wij allemaal) dat zowel overvloed als tekort er niet toe doen. Of anders gesteld: dat het hebben van veel spullen of van weinig spullen je geen ander (beter of slechter) mens maakt. Maar dat je onder al die omstandigheden een tevreden mens kunt zijn.

En nu?
Hoewel de consequentie van mijn gedachtengang zou kunnen zijn dat ik het minimalismebijltje erbij neergooi, is dat nog niet het geval. Ik ben nog steeds aan het opruimen. Ik hou nog steeds van ruimte. De uitdagingen die ik mijzelf opleg hebben ook hun nut. Mijn beslissing bijvoorbeeld om het kleurenschema en de hoeveelheid kleding in mijn kledingkast te beperken scheelt me veel tijd en geld. Omdat ik ontdekt heb dat we met een beker en een bord per persoon prima kunnen leven, zal ik nu geen bekers bijkopen als er een kapotvalt - niet eerder dan dat we beneden die minimale hoeveelheid komen.

Maar ik realiseer me nu nog meer dat ik existentiële onrust niet kan bezweren door spullen weg te doen. Ik hoef ook geen bewijs te leveren van goed gedrag door te 'kunnen leven met minder' dan een ander. Ik besef dat ik geen vervulling kan zoeken in leegte en ruimte. Ik hoef me niet schuldig te voelen over een aankoop. Ik mag ook tevreden zijn met wat ik heb - ook al is dat (nog) overvloedig.

En die tevredenheid maakt, in tegenstelling tot overvloed of minimalisme, mijn leven gegarandeerd een stuk prettiger.
In mijn huis ging het leven voor een kamerplant niet altijd over rozen. Ik heb mezelf er wel eens van verdacht geen groene maar bruine vingers te hebben...alles verdorde (of verdronk) als ik in de buurt kwam. Maar na jaren modderen is er wat licht in de duisternis. Ik heb een paar dingen geleerd.

Zoals: Planten die ik bij AH of ALDI koop houden het jaren vol. Planten die ik bij IKEA koop of bij het tuincentrum leggen binnen een paar maanden het loodje. Raar maar waar!
Orchideeën zijn geweldig. Niks aan doen, ze gaan vanzelf weer bloeien! Ik snap niet dat ik ze vroeger foeilelijk vond, eigenlijk.

Dat was het ongeveer. Maar dat is genoeg om ervoor te zorgen dat ik nu planten heb die er best heel leuk bij staan. Het nieuwe boek "Ik en mijn plant" van Uitgeverij Snor zal me zeker nog een stapje verder helpen.

En misschien jou ook wel... want het is weer tijd voor een weggevertje!

Deze keer geef ik het boek "Ik en mijn plant" van uitgeverij Snor weg. Een grappig boek dat de relatie met je kamerplanten zal goeddoen. Wat moet je doen?

Laat hieronder een beschrijving achter van de relatie tussen jou en je kamerplant(en).




Deze actie loopt tot donderdag 25 november 2010. Op vrijdag 26 november zal ik de winnaar bekendmaken. Ik nummer de posts en laat een random-nummergenerator (bestaat dat woord?) het winnende nummer bepalen.  
Veel succes! En ik ben erg benieuwd naar jullie relatie met je kamerplant(en). 

Wat jammer nou dat ik geen voorbeeldige blogger ben. Dat ik bijvoorbeeld niet kan melden dat ik mij tot nu toe perfect aan mijn plan heb gehouden om geen suiker meer te eten. Dat zou zo leuk zijn voor mijn eigenwaarde (pardon, voor de eigenwaarde van mijn EGO). Wat dat betreft (=doorzetten en volhouden) hebben jullie meer aan de schrijvers van suikerwijzer.nl.

Maar nee. Ik heb wel bijna geen suiker meer gegeten. Het is beperkt gebleven tot twee Italiaanse notenkoekjes (uit een zak van 6,95 per 500 gram) en een onachtzaam aangepakt ijsje. En het was niet eens de 'zonde' waard. Want telkens na het eten van iets zoets realiseer ik me weer dat ik er eigenlijk niet zo dol op ben. Je houdt nog tijden die zoete nasmaak in je mond. Geef mij maar zuur, bitter, pittig, zout...Dat eten van zoetigheid is meer een gewoonte dan een verlangen. Maar wel een gewoonte waar moeilijk mee te breken valt.

En zo heb ik wel meer zwakheden. Geheel tegen de draad van het consuminderen in hebben we een nieuwe tv gekocht. Omdat de oude zo vreselijk bromde. Dat wil zeggen: voor mij hoorbaar, voor de meeste anderen niet. Terug in de fabriek (vijf weken weggeweest) konden ze vorig jaar niets vinden omdat ze het sowieso niet hoorden. En dus ergerden we ons verschrikkelijk, want een gevoelige film en een irritante brom gaan niet samen.

Nu had ik natuurlijk - dat was echt veel minimalistischer geweest - de TV kunnen afzweren. Wie zo'n held zoekt kan ook beter even op een ander blog kijken. Want we kijken niet veel TV, maar wel graag. Dat uurtje "Ik hou van Holland", en die dvd's van 'Het kleine Huis op de Prairie' of 'Wallander' zijn voor ons de slagroom op de taart (oeps...). Zeker in de winter.

Ik geef het toe, ik heb er over gedacht. Waarom een nieuwe kopen? Waarom niet gewoon proberen zonder TV te leven? Het antwoord daarop is simpel: Ik heb het grootste gedeelte van mijn leven (even rekenen...ja, nog wel!) zonder tv geleefd. En dat was niet altijd even handig. Ik merk dat onze kinderen Engels veel beter begrijpen dan ik ooit deed, omdat ze geregeld Engelse programma's kijken. Dochter J. is dol op de programma's van Animal Planet en steekt daar ook veel van op. Dus TV heeft toch ook zo zijn voordelen. En na meer dan anderhalf jaar ergernis en nadat we alle mogelijk oorzaken uitgesloten hadden en elke oplossing geprobeerd hadden maar de TV bleef brommen, was voor ons de maat vol.

Het goede nieuws is dat ik me ondanks mijn 'falen' tevreden voel. Met bijna geen suiker heb ik veel meer energie gekregen, met de nieuwe TV heb ik minder ergernis. En dat bij 'voorbeeldfunctie' in het woordenboek niet mijn naam staat, daar kom ik dan vast ook wel weer overheen. ;)
Ik was gisteren toevallig even te gast in een huis dat ter gelegenheid van bezichtigende potentiële kopers was 'opgeruimd'. Grondig opgeruimd, volgens makelaarsnormen. Zodat de eventuele kopers hun fantasie de vrije loop kunnen laten gaan wat betreft de mogelijkheden van het inrichten.

Het zag er heel minimalistisch uit. De muren waren wit. De vloer van een beige-kleurig hout. Met een beige kleed. Er stond een kast, een tafel een tv-kast. Allemaal in neutrale tinten. Een eettafel met zes beige stoelen. In de open keuken was het aanrecht helemaal leeg - op een Senseo-apparaat na. Op geen enkel oppervlak lag iets. Er stonden geen planten.

Ook boven was er niets dan ruimte en kleurloos beige. Wat ik vooral miste waren boeken. Op mijn vraag (tja, het zou toch kunnen? Misschien een minimalist van nature?) of ze het altijd zo... ehm...leeg had, barstte de vrouw des huizes in lachen uit. Het tegendeel bleek waar. Alles was op zolder gestouwd, zodat de woning verder maar zo ruim en leeg mogelijk leek.

Nu is ruim prettig, en leeg ook. Maar zo kleurloos. Zo kaal. Zo levenloos, zonder boeken. Zo beige ook. Het sprak mij helemaal niet aan.

Echt, ik was gewoon opgelucht toen ik weer in mijn eigen -nog steeds te volle- huis was. En van de weeromstuit heb ik een paar felgekleurde kussens gekocht om dat saaie neutrale beeld uit mijn geest te verdrijven.

Mijn definitie van minimalisme is leven met wat je nodig hebt in plaats van met het maximum dat in je huis past. Ik weet nu dat ik minimaal een kast vol boeken nodig heb en wat kleur. Want ik wil best minimalist worden, maar niet kleurloos. Laat staan beige.
Er is weer een informatief filmpje van Annie Leonard. Deze keer over electronica...'designed for the dump'.



Het feit dat repareren (of zelfs maar laten nakijken) van een apparaat duurder is dan het kopen van een nieuw apparaat, is iets wat ik ook al een paar keer meemaakte en wat ik heel vreemd vind. Daardoor wordt een wegwerpeconomie gewoon in de hand gewerkt. Na een paar keer vraag je je niet eens meer af of een apparaat nog te repareren valt, want een nieuwe halen is sowieso goedkoper.

En hebben jullie ook allemaal het gevoel dat apparaten vroeger veel langer meegingen? De wasmachine van mijn moeder ging twintig jaar mee. De wasmachine die ik het langste heb gehad zeven jaar. En dan deden wij kleine reparaties (zoals een muntje uit de pomp halen of de aandrijfriem er weer omzetten) zelf. Want als een reparateur dat had moeten doen, hadden we waarschijnlijk al veel eerder te horen gekregen: 'Een nieuwe halen is goedkoper.'
Boeken en papier en alles daaromheen hebben mij altijd geïnteresseerd. Als kind bracht ik mijn geld nooit naar de snoepwinkel, maar naar de kantoorboekhandel. Al die pennen, stickers, papieren, schriften en boeken...dáár ging mijn hart sneller van slaan.
Inmiddels heb ik een boekenkast vol boeken, pennen genoeg, en een laatje met stickers, kaarten en schriften. Maar ik had nog één wens (nou ja, het zal de laatste wens wel niet zijn geweest): Leren boekbinden.

Tegenwoordig worden veel boeken alleen nog als paperback verkocht. Dat vind ik jammer, een boek wordt veel sneller lelijk met zo'n slap kaft. Ik wilde leren hoe je zelf een hard kaft om een boek maakt. Niet dat ik nu nog zoveel boeken koop, als minimalist (ahum...), maar het lijkt mij weer zo'n nuttige handvaardigheid. En daar hou ik van.

En dus volg ik nu een boekbindcursus. Eerst een eenvoudige cursus van drie ochtenden waar we leren katernen maken en aan elkaar naaien. Ook maken we dan een gebrocheerd boekje, een gecartonneerd boekje en een schrift (met de cahiersteek). Later kunnen we dan een vervolgcursus doen van vier ochtenden waarbij we leren om boeken in hard kaft te binden en andere moeilijker kunstjes.

En het is echt erg leuk. Ik heb al twee boekblokjes genaaid van elk tien katernen, morgen gaan we daar een kaft omheen maken. Ik zie al weer allemaal mogelijkheden voor me...leuke cadeauschriftjes en -boekjes maken van gebruikte materialen zoals (gevonden) luxe tijdschriften of mooi dik papier uit de Flow. Notitieblokjes maken van restjes papier. Zelf mooie kaften ontwerpen (tekenen, scannen en printen, of ook leuk: in Photoshop ontwerpen). En hele eigen papierlijn...oeps, mijn fantasie gaat weer op de loop. Mijn probleem is dat ik heel veel ideeën heb, maar te weinig tijd om ze allemaal uit te voeren.

Ook zin om eens iets te proberen? Ik heb wat links bij elkaar gezocht over boekbinden. Op youtube zijn ook geweldig leuke tutorials te vinden (wat dacht je van een boekje van 16 bladzijden vouwen uit 1 vel papier?) dus papier- en boekenliefhebbers kunnen hun hart ophalen.


http://www.atelierplano.be

http://www.li-annwebcreations.nl/MyBoekbinden/index.html

http://www.creadoo.com/Content2121

http://hobby.blogo.nl/2008/07/27/zelf-boekbinden/

http://www.xs4all.nl/~elisa/privemap/boekbinden/boekbind1.html

http://www.cs.uiowa.edu/~jones/book/

http://www.boekgrrls.nl/BgDiversen/Onderwerpen/Boekbinden.htm

http://members.home.nl/jpesebregts/boekbinden/boekbinden.htm

http://www.youtube.com/watch?v=WaP3vXiioJk&feature=player_embedded
Wegens even geen biebboeken meer in huis ben ik het boek "Een nieuwe aarde" van Eckhart Tolle opnieuw aan het lezen.

En nu valt mij pas op (of misschien opnieuw) dat ook hij spreekt over bezittingen en 'genoeg'. De meeste mensen meten hun waarde, hun 'ik' af aan de spullen die ze hebben. Ze hebben een chronisch gevoel van 'meer willen' en dat gevoel kan uiteraard nooit vervuld worden. Dus gaan ze dwangmatig kopen. Ze zoeken zo vervulling, of status, of veiligheid. Maar dat zijn slechts dingen die het 'Ego' kort tevredenstellen; je ZELF wordt er niet vrolijker van. Met als gevolg: meer onvrede, meer kopen.

Maar wij ZIJN niet ons bezit.

Wij ZIJN ook niet onze status, onze opleiding, ons werk, of hoe we overkomen op anderen. Dat is alleen de buitenkant, een rol die we spelen.

Als je in je geest je bezit kunt loskoppelen van wie je bent, is het plotseling niet moeilijk meer om te begrijpen dat je zonder enig bezit dezelfde persoon bent als die je nu bent.

En als je je dat realiseert, kun je ook makkelijk afscheid nemen van bezittingen. Of van het chronische 'ik heb (meer) ... nodig, en dan zal ik gelukkig zijn'.

De grote valkuil is dat je Ego zichzelf dan wel even op een andere manier wil verhogen (oké, dus bezit doet er niet meer toe voor jou?): Kijk mij, ik ben een minimalist...dat is beter dan een blinde consument zijn! Of: Als ik nooit meer suiker zal eten dan heb ik iets bereikt!

Zoals Eckhart Tolle zegt:

Als je elke dag trouw aan het mediteren bent om verlichting te bereiken, zit je nog steeds in dezelfde modus als degene die zo graag een nieuwe BMW wil hebben. Het is dezelfde conditionering: “In de toekomst…”. Maar er is geen toekomst.

Dus minimalisme (of consuminderen, of vegetarisch eten, of zonder suiker, tv of haarverf leven) moet je vooral doen voor jezelf. Omdat jij het prettig vindt in een ruime omgeving te leven, of omdat je de dieren een beter leven gunt. En als je wat je hebt en doet kunt scheiden van wie jij bent, zal het je ook niet moeilijk vallen om de gewenste veranderingen door te voeren, omdat je jezelf dan niet afvraagt: wat zal een ander hiervan vinden? Welke invloed heeft dit op mijn imago?

Maar voordat je weet neemt het Ego een loopje met je, en zit je met je goede gedrag wederom in die tredmolen van 'later', 'meer' en 'kijk mij nou eens goed zijn'.

Moeilijk he?
Het is al weer 3 november en ik was van plan om in november met een nieuwe uitdaging te starten. Hoewel ik de eerste twee dagen al 'compleet verpest' heb, besluit ik toch te gaan voor de uitdaging een maand lang geen suiker te gebruiken. Met het hele gezin.

Onder andere vanwege het tandartsbezoek gisteren dat helaas twee slachtoffers eiste (opgeteld vier gaatjes, ikzelf gelukkig niks, pffft), maar ook door de film die ik zojuist zag: Big fat fiasco(<---klik).

Wat wil ik bereiken?

1) Betere gezondheid
2) Afvallen
3) Minder nervositeit (waar sommigen van ons last van hebben. Suiker schijnt dit enorm te verergeren.)

Ik weet eerlijk gezegd wel zeker dat het gaat werken. Eerder gebruikten we ook al wel een tijd minder tot geen suiker. De vraag is alleen waarom het altijd zo moeilijk is vol te houden. Thuis vind ik het niet zo'n probleem, maar zo gauw ik uit mijn huis ben is het net alsof er een knop omgezet is, en ik vergeet dat ik zonder suiker zou leven.

Het wordt dus een echte uitdaging. En ik vraag me nog af of we vandaag met een knal zullen starten (even gauw de Duitse bonbons en de laatste toetjes wegwerken?) of dat we voor de Spartaanse manier gaan en alle kasten zuiveren en echt vanaf dit moment geen suiker meer aanraken...


Weer een geweldig interessante lezing over voeding. Niet vet veroorzaakt hart- en vaatziekten en overgewicht, maar suiker en geraffineerde voedingsmiddelen!

Bekijk de film HIER

Vraag jij je ook wel eens af wat er nog over is van onze privacy? Kijk dan eens naar de volgende documentaires.
De eerste, Erasing David, duurt een uur en laat zien hoe twee prive-detectives iemand (de filmmaker) proberen op te sporen die niet gevonden wil worden en van welke middelen zij gebruik maken. Zeer onderhoudend en verhelderend.

De andere documentaire betreft de situatie in Nederland. Ook daar schrok ik van.

Erasing David

Wat nou, privacy

Persoonlijk (als dat nog bestaat, ha ha) vind ik dit een boeiend onderwerp. Het is alleen geen onderwerp voor controlfreaks, omdat er geen oplossing is. Hooguit bereik je een situatie waar je de nadelen minimaliseert en de voordelen kunt benutten, zo wordt in de eerste documentaire gesteld.

Want er zijn momenten dat je er echt niet onderuit komt: enkele jaren terug eiste de bank bijvoorbeeld ineens een kopie van je paspoort, en anders kon je je bankrekening verder wel vergeten. Tja, wat doe je dan? Maar al je gevoelige gegevens liggen wel mooi te grabbel. Want met je sofinummer, bankrekeningnummer, adres, handtekening en je paspoort alle bij elkaar kunnen kwaadwillenden heel veel schade aanrichten. En dat doen ze ook.

Ik verscheur daarom altijd alle post die bij het oud papier gaat, met name eventuele naam/adres gedeelten of klantnummers. Ik heb mijn kinderen gewaarschuwd geen herkenbare foto's online te plaatsen, of NAW-gegevens. Via Hyves aankondigen dat je op vakantie gaat is nog zo'n dingetje dat je beter niet kunt doen.
Ik beeld me absoluut niet in dat ik onvindbaar ben (dan zou ik überhaupt geen blog moeten schrijven), maar voor de oppervlakkige kijker hoop ik toch nog enige gegevens prive te houden.

Wat doen jullie om je privacy te beschermen? Of lig je er echt niet wakker van?