Gisteren reisde ik met de trein. Hoewel ik mijn telefoon (redding in tijden van verveling) bij me zou hebben, besloot ik een boek in de tas te gooien. Een boek van mijn favoriete schrijfster, gekocht in de kringloopwinkel voor vijftig cent. En ondanks het feit dat Arriva sinds kort gratis WIFI levert in de trein, besloot ik mijn telefoon in de tas te laten en in mijn boek te beginnen. Hoe vaak heb je tegenwoordig nog een uur de tijd om rustig te lezen, tenslotte?

Had ik het maar niet gedaan. Het verhaal begon vreemd, en werd steeds vreemder. De personages en gesprekken leken hoe langer hoe bizarder te worden, situaties ontspoorden en halverwege dacht ik: wat een afschuwelijk boek. Dit kan gewoon niet van mijn favoriete schrijfster zijn.

Ik overwoog om het boek ergens te laten liggen, maar ik ken mezelf en wist dat ik me dan de rest van mijn leven zou afvragen hoe het verhaal verder was gegaan. Doorlezen of stoppen met lezen - het zou  alle twee even hoog scoren qua verschrikkelijkheid.

En dus moest ik op de terugreis verder in het vreselijke boek. En goddank was er een clou, en dat is de reden dat ik blij ben dat ik niet heb opgegeven. Maar daarna heb ik het boek in de trein achtergelaten, want ik wil het nooit weer lezen. Vandaag ontdekte ik dat dit het eerste boek van de schrijfster was. De horror die ze tegenwoordig schrijft is een stuk subtieler.

Dus als je ergens het boek "Buitenstaanders" van Renate Dorrestein vindt: je bent gewaarschuwd.

Onze tuin was het afgelopen jaar een beetje een drama. Want: geen tijd om er iets aan te doen. En ook geen idee. Geen idee hebben is ongeveer het ergste probleem wat er is, want als je niet weet wat je wilt heb je ook geen plan, geen resultaat waar je naartoe werkt, en dan doe je meestal maar niks. En dat is precies wat er gebeurde.

In de herfst was er even sprake van het laten ontwerpen en restylen van de tuin door een bevriende hovenier, maar dat liep op niks uit.
Echtgenoot zei daarna optimistisch: "Als jij nou even een ontwerp maakt, dan voer ik het wel uit."
Let op dat 'even'. (En op 'dan voer ik het wel uit'. De ervaring heeft mij geleerd dat je zulke dingen met een korreltje zout moet nemen.) Maar een maandje terug, toen het plotseling zonnig werd, vond ik dat ik toch een poging moest wagen en zette ik mij aan Het Ontwerpen van De Tuin.

Nu hebben wij maar een kleine voortuin, en ook een kleine achtertuin, dus hoe moeilijk kan het zijn?
Best moeilijk, als je totaal geen groene vingers hebt, en geen benul. Tel daarbij op de zware kleigrond hier, de planten en struiken die er al zijn en die ook een plekje moeten hebben, een stuk grond in volle zon, een stuk grond in halfschaduw en een achtertuin in volledige schaduw en je begint misschien te begrijpen waar ik mee worstel. Help!

Gelukkig is er het wereldwijde web. Met welk probleem dan ook wend ik mij tot Google en vaak vind ik er een oplossing. In dit geval vond ik op de site van de Tuinen van Appeltern een hele rits voorbeeldborders. Voor zon, halfschaduw en schaduw. Ineens zag ik zelfs het inrichten van de sombere donkere natte achtertuin een stuk zonniger in. Ik nam gewoon de bloemen en planten over van de voorbeeldborders, en klaar was ik. Groenten en kruiden weet ik nu wel een beetje, dat komt goed. Als extraatje moest er een boompje komen in de voortuin. Een lief klein boompje, dat hopelijk de vogeltjes een gezellig plekje gaat bieden.

Enfin, ik maakte een schets, een lijst met planten, en zelfs alvast een kalender voor het onderhoud van de planten die vanaf komend jaar in onze tuin staan. Overal aan gedacht, nog voordat er ook maar een cent uitgegeven is. Vol trots liet ik 's middags mijn ontwerp, de lijst en de tuinkalender aan Echtgenoot zien. Die zag het helemaal zitten. En hij wilde meteen bollen gaan planten want hij had van een klant een grote doos bloembollen gekregen. Na mijn uitleg dat het nu niet de tijd voor bollen is (en dat het nutteloos is eerst bollen te planten in een tuin die daarna op de schop gaat) wilde hij iets anders doen. Om etenstijd, dat wel natuurlijk. Maar ik moest eigenlijk wel steeds zeggen of het goed ging of niet.
Jamaar, ik moet koken! Weet je wat, zei ik, graaf maar alvast een gat voor het boompje. Je meet eerst het midden van de tuin af en dan ga je graven. 
Afmeten? zei Echtgenoot. Weet je wat, ik doe het morgen wel. Hmpf.

Eerlijk is eerlijk, de volgende dag groef hij een gat. In de zware klei. Daarom werd het niet zo'n groot gat. Volgens de handleiding voor het planten van boompjes moet een gat aan alle zijden zo'n 25 cm groter zijn dan de wortelkluit. Nou, ik kan je vertellen dat dit dan een erg klein boompje moet worden. Maar dat geeft niets. We hadden een gat! We zeiden 'A je to, buurman' tegen elkaar* en keken tevreden naar het gat in de tuin. Dit jaar gaat de tuin eindelijk MOOI worden.

En toen begon het weer te vriezen. En konden we al onze plannen in de ijskast zetten.
En dus staat de pagina met de bestelling bij Directplant.nl al drie weken open op mijn laptop. Want ik durf niet op 'bestellen' te klikken zolang de zon niet schijnt...





*Wat? Ken je de filmpjes van Buurman & Buurman niet? Ga snel dit gat in je opvoeding opvullen! Begin hier maar: http://www.youtube.com/watch?v=3DrZ8EEE_oU